Göttingse Allerzielenoverpeinzingen.

02-11-2015 06:23

100 keer dacht ik deze nacht na over wat ik zou schrijven over de dag van gisteren, over de dag van vandaag... en wie weet ook over de dag van morgen.

Toch, op dit moment lijkt alles wel verdwenen... ergens vreemd. Maar toch, laat ons beginnen bij het begin. Zaterdagavond 31 oktober. De kinderen slapen, ik schenk me een glas wijn uit en neem er een dichtbundel van Rainer Maria Rilke bij. Voor één maal neem ik er eens zijn gedichten bij die niet over liefde gaan, maar over dingen. Mijn oog valt op het gedicht over een klein geel roosje op een graf. Rilling bekruipt me. De laatste keer dat ik het graf van Lou en Andreas bezocht, lag daar een klein geel roosje. Het ontroerde me, ik schreef het neer in het voorwoord van mijn boek. 

Die Rose hier, die gelbe,
gab gestern mir der Knab,
heut trag ich sie, dieselbe,
hin auf sein frisches Grab.

An ihren Blättern lehnen
noch lichte Tröpfchen, - schau!
Nur heute sind es Tränen, -
und gestern war es Tau

Rainer Maria Rilke

Zondagochtend, 1 november... De kinderen zijn richting grootouders. Ik besluit gele chrysanten te kopen en pas dan naar Göttingen te vertrekken. Zo gezegd, zo gedaan. Onderweg begeeft de radio het, ik word even gek...Al wat ik nog zie, zijn mensen die zich opwinden in wegenwerken en verkeer . Ik open mijn laptop op de achterbank, en draai er een CD van Jonas Kaufmann. In Göttingen gooi ik snel mijn bagage in mijn übliche Zimmer van het Pension Jägerhof. Hop, naar het kerkhof met die chrysanten. Deze keer ben ik in gezelschap. Alles verloopt wat stuntelig. De mensen kijken maar wat raar. Wie komt er nu bloemen leggen aan zo'n oud graf. Ik word echt lastig, maar hou mijn vuur voor mij. Het gevoel van vorige maal overviel me niet. Misschien zocht ik het ook te hard. Ik bedenk ook: Ze zal denken... "Wat ne vaudeville hier aan mijn graf, en nu gaan ze nog foto's maken ook seg". Foto's, ze werden genomen. Ik verlaat het kerkhof en denk even aan niets. Tot een sterk gevoel zich toch meester van me maakt en me een ingeving bezorgt.  We moeten aan het leven denken, niet aan de dood. We moeten pakken wat van ons is, beseffen dat enkel wijzelf onszelf kennen. 

            Lebensgebet

Gewiß, so liebt ein Freund den Freund, 

Wie ich dich liebe, Rätselleben - 
Ob ich in dir gejauchzt, geweint, 
Ob du mir Glück, ob Schmerz gegeben.  

Ich liebe dich samt deinem Harme; 
Und wenn du mich vernichten mußt, 
Entreiße ich mich deinem Arme 
Wie Freund sich reißt von Freundesbrust

Mit ganzer Kraft umfaß ich dich! 
Laß deine Flammen mich entzünden, 
Laß noch in Glut des Kampfes mich 
Dein Rätsel tiefer nur ergründen. 

Jahrtausende zu sein! zu denken! 
Schließ mich in beide Arme ein: 
Hast du kein Glück mehr mir zu schenken 
Wohlan - noch hast du deine Pein

Lou Andreas Salomé

Mijn tocht gaat vandaag verder, het Göttinger Dagblad toont interesse in dat kleine no nonsense boek dat eindelijk eens geschreven werd over hun beroemdste inwoonster, die vandaag haast vergeten blijkt. Het boek krijgt dan ook een plaats in Haus Loufried zelf, in de werkkamer van Lou zelf.